Categorieën
Menno's Kop of Kont

Het Geeft Af


Er kruipt een héél klein vliegje over mijn beeldscherm. Voorzichtig wuif ik ‘m weg. Omdat het beeldscherm het felste licht in de ruimte is, moet ik dat nog enkele malen herhalen. Geduldig hou ik vol tot het vliegje het opgeeft. Vliegje heeft een ander lichtpuntje gevonden. Vliegje brengt me regelrecht terug naar mijn prille jeugd. De eerste klassen van de lagere school. De Katholieke Montessori School in Bussum. In die periode liep ik regelmatig met bulten op mijn voorhoofd. Van bomen en lantaarnpalen. Niet doordat ik slecht kon zien, maar door diertjes. Insecten. Ik wil er niet op gaan staan, dus kijk ik altijd naar beneden als ik loop. Dan zie je wel eens een boom of lantaarnpaal over het hoofd.

De schuldige is een boekje. Geen idee meer wat de titel is. Ook de moraal van het verhaal ben ik kwijt. Ik kan me alleen herinneren dat het over een jongetje gaat dat vreselijk bang is om diertjes dood te trappen. Dat heeft enorme indruk gemaakt. Ik werd dat jongetje. Heel veel mieren, slakken, lieveheersbeestjes en ander kruipend insectenvolk heeft zijn leven aan mij te danken in die tijd. Ik ben het mijn hele leven blijven doen. Ik loop niet meer tegen bomen of lantaarnpalen aan, maar ik kijk nog altijd naar beneden. Met dezelfde intentie als toen. Mijn liefde voor het kwetsbare en onschuldige leven kan daar wel eens zijn overweldigende oorsprong hebben gevonden.

Van nature heb ik geen vollopende traanbuizen. Maar als een leven, wat voor leven dan ook, plotseling wordt weggerukt of geweld aangedaan ben ik even volkomen in de war. Ik kijk weg als er dode dieren langs de weg liggen. En door mijn logistieke verleden heb ik er al heel wat gezien. Ooievaars, zwanen, vossen, varkens, zwijnen, herten en heel veel duiven en eenden. Allemaal maken ze me even verdrietig. Niets bedroeft meer dan een dood dier langs de kant van de weg. Dat komt natuurlijk ook omdat ik onmiddellijk het verhaal erbij verzin. Op zoek naar voedsel, welpjes die hongerig wachten op een ouder die niet meer terugkomt. Onbeschrijflijk leed. Dieren doen wat ze instinctief is opgedragen. En wij, mensen, staan daar regelmatig bij in de weg. Hetzelfde gevoel borrelt omhoog bij kinderleed. Dieren en kinderen zijn per definitie onschuldig en moeten daarom beschermd worden door de geëvolueerde mens. Het verantwoordelijke kopstuk van de voedselketen.

Die ingesleten gewoonte is af gaan geven. Op Fleur. Onbewust waarschuw ik haar altijd als ze ergens dreigt op of in te stappen. Laatst zag ik haar hetzelfde doen bij een vriendinnetje. Dat was een gelukzalig momentje. Fleur (6) is van oorsprong een bovengemiddeld empathisch mensje. Behalve wat builen op mijn kop, heb ik nooit last gehad van mijn voorzichtige wandelingen. Fleur zal dat straks beamen. Weet ik zeker. Fleurtje kan al huilen van een zelf verzonnen verhaaltje over dierenleed. Haar te moeten troosten is allerminst een straf.

Tijdens de zwangerschap hebben Linda en ik ons wel eens afgevraagd of het nu wel zo verstandig is om een kind op deze overwegend rotte knikker neer te zetten. Elke toekomstige ouder stelt zich die vraag, op enig moment. Linda sprak de onvergetelijke woorden: “Fleur gaat de wereld een stukje beter maken.” Een overtuigend argument. Die informatie hou ik nog maar voor Fleur verborgen. Als volwassene lijkt me dat al een enorme opgave. Laat staan voor ’n kind van zes. Voorlopig is dat onnodige ballast.

Het stemt zeker hoopvol. Fleur heeft het in haar.

In gedachte dank ik het jongetje uit het boekje.

Steun mijn columns via
vadertje.backme.org

Door Menno Voorwinde

Door schade en schande wijs geworden. Eigenwijze donder. Twijfelt aan alles in de wetenschap dat wijsheid begint bij twijfel.

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.