De Kiezel 18 – De Oncoloog


De ochtend op de Korenbloemstraat begint in ons ‘nieuwe normaal’. Dat wil zeggen: ik lig nog in m’n nest te rotten, terwijl vrouw Linda en dochtertje Fleur hun gebruikelijk ochtendritueel afwerken. Af en toe onderneem ik een poging me weer aan te sluiten bij ons ‘oude normaal’, maar dat wil nog niet vlotten. Daarvoor ben ik tegenwoordig ’s nachts te onrustig. Ik maak me daar overigens geen zorgen over. Dat komt wel weer goed. Fleurtje (6) heeft vandaag weer haar eerste schooldag na de herfstvakantie. Eén dag later. Covid gevalletje bij een lerares waarvan de besmettingsperiode vandaag is afgelopen. Geen nieuwe gevallen. Fleurtje blij, papa en mama blij.

Om 10:50 moet ik mij melden bij de oncoloog van het AUMC. Poli W7. Onbevangen gaan vrouw Linda en ik op weg. Voor zover we weten is dit de op één na laatste formaliteit, voordat maandag aanstaande de bestraling van De Kiezel kan beginnen. De oncoloog, denken wij, hoeft alleen maar ons uit te leggen wat de procedure en gevolgen zijn van de chemo die gaat worden toegediend. Geen vuiltje aan de lucht. Morgen nog de plaatsing van een maagsonde en dan vol gas De Kiezel nuken. Appeltje eitje.

Maar, nee…

De oncoloog heeft mijn bloedwaarden bekeken van eerdere onderzoeken en daaruit komt een probleem naar voren, dat de toediening van chemo onmogelijk maakt. Tenzij ik wil dat hij me vermoord. Daar hoef ik niet lang over na te denken. Dat wil ik niet. Het zit zo: de chemo zorgt voor een spectaculaire afname van bloedplaatjes (trombocyten). Bij een te lage waarde bestaat de kans op bloedingen. En dan vooral inwendig. Dan bloed je dood, simpel gezegd. De normale waarden moeten liggen tussen de 150 – 400. Tijdens de chemo wordt er angstvallig voor gezorgd dat die waarden niet onder de 100 zakken. Een kritische grens. Bij mij zitten ze, zonder chemo, op 80. Dit komt omdat ze in Lockdown zitten in mijn milt. Daar verrichten ze ondersteunende werkzaamheden aan mijn lever, die op z’n zachtst gezegd niet geheel naar wens functioneert. Op zich heeft mijn lichaam daar een balans in gevonden. Maar dan moet er niet met de bloedplaatjes worden gesodemieterd.

De oncoloog heeft een alternatief. Een behandeling met Cetuximab. Dat is een monoklonale antistof. Kortgezegd komt het erop neer dat dit medicijn de cellen aanvalt waarbij een hoge concentratie aan EGFR (Epidermale Groei Factor Receptor) wordt aangetroffen. Een kluitje wildgroei met een hoge concentratie eiwitten. Dit medicijn is minder getest dan chemo. Het is in 1985 ontwikkeld, vlak voordat er op grote schaal getest ging worden met chemo. Door het succes van chemo is cetuximab een beetje in het verdomhoekje terecht gekomen. De testresultaten waren ronduit goed. De behandeling is vervelender. Het is een wekelijkse behandeling die via het infuus gaat. De eerste sessie duurt 2 uur. Daarna nog 1 uur een zoutoplossing. De volgende behandelingen zijn telkens 1 uur plus 1 uur zoutoplossing. Ook kan hier een scala aan bijwerkingen plaatshebben. Op zeker krijg ik er jeugdpuistjes van. Je bent zo jong als je kuur duurt, zal ik maar zeggen. Overal kunnen kleine wondjes ontstaan omdat, bijvoorbeeld op je huid, ook cellen met een hoop eiwitophopingen hebt. Een antibioticakuur zal onvermijdelijk zijn.

De oncoloog gaat vandaag nog overleggen met de bestralingsarts of de plaatsing van de maagsonde nog wel nodig is als er voor dit alternatief wordt gekozen. Ik hoor dat ook nog vandaag, anders morgenochtend. Bij geen gehoor: maagsonde.

Enigszins lacherig verlaten vrouw Linda en ik de oncoloog. Op de valreep nog obstakels. En weer hebben we ze niet zien aankomen. Dan kan je beter lachen. Nog even naar het bloedlab, want de oncoloog wil zeker weten of de bloedplaatjes wel écht zo laag zijn. Ik weet al jaren dat ze te laag zijn. Maar ja, ik heb ’t niet op papier.

Gelukkig is de warme chocolademelk heerlijk in het ziekenhuis.


Mij steunen?
vadertje.backme.org

Gepubliceerd door

Menno Voorwinde

Door schade en schande wijs geworden. Eigenwijze donder. Twijfelt aan alles in de wetenschap dat wijsheid begint bij twijfel.

2 gedachtes over “De Kiezel 18 – De Oncoloog”

  1. Tjongejonge ze moeten je ook wel hebben, Menno. Van hieruit kan ik weinig meer voor je doen dan veel voor je duimen, mijn moeder ‘aanspreken’ en bedenken dat je thuis alle steun krijgt die je nodig gaat hebben, nu en straks. Op hoop van zegen zou ik zeggen; laat die lever van je de boel niet verder verzieken, je bent nu op de goede weg tenslotte. En wat een zegen dat we zoveel artsen hebben die gewoon nuchter nadenken.
    Virtuele knuffel van Irma (wie weet, misschien helpt het😉)❣️

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.