Heldenbibliotheek


Sean Connery is dood. 90 jaar werd hij. In een van de vele artikelen die plichtmatig overal opduiken na de dood van een icoon, las ik de volgende zin: “…een eeuw is doodgegaan.” Of iets in die strekking. Het was een conclusie van een onsamenhangend verhaal over James Bond en de overweldigende stempel die Sean Connery op dat karakter heeft gedrukt. Voor velen is hij de enige, echte Bond, James Bond. Sinds de jaren ’60 toen hij voor het eerst die rol speelde. In hetzelfde decennium ben ik geboren. Hoewel ik alle Bond films heb gezien. Associeer ik Sean Connery voornamelijk met andere rollen. Ramirez in Highlander. William of Baskerville in de Naam van de Roos, meesterdief in Entrapment en als afgedankte dokter in een Zuid Amerikaanse jungle in The Medicine Man. Zelfs de Indiana Jones film The Last Crusade, waarin hij de vader speelt van Harrison Ford, komt eerder bij me op dan zijn Bond films. Het zal de leeftijd zijn. En dan bedoel ik de mijne.

Helden die je al je hele leven, of een groot deel ervan, met je meedraagt krijgen nooit een houdbaarheidsdatum opgeplakt. Helden kunnen niet dood. Mogen niet dood. Ze zijn voor altijd. Helden krijg je spontaan. Door een waanzinnig nummer. Hoe ze eruit zien. Hoe ze acteren. Hoe ze politiek bedrijven. Of hoe dapper ze zijn. Of juist niet. Hoe ze je verrassen. Je van je stuk brengen. Het grootste deel van de heldenbibliotheek wordt al vroeg aangemaakt. Als je opgroeit. Veel ziet. De wereld nog een oppervlakkige glans van schoonheid heeft. Als je ouder wordt, worden er steeds minder teruggebracht. In de bibliotheek vallen gaten.

Helden draag je zolang met je mee dat ze vrienden van je worden. Als er eentje doodgaat kan dat als een enorme klap aankomen. Wanneer échte vrienden waarmee je al een tijd geen contact hebt sterven, dan doet dat verdriet, maar niet zoveel verdriet als het een vriend zou zijn die nú nog je vriend is. Tijd en omgang zijn factoren die de mate van verdriet mede bepalen. Sean Connery heeft zich een tijd geleden teruggetrokken uit de publiciteit en acteerde niet meer in films. Op de Bahama’s sleet hij zijn laatste dagen. Zijn dood komt ondanks zijn leeftijd als een schok en maakt me treurig. Het gevoel van verlies van een échte vriend heb ik niet, maar wel een zekere mate van verdriet.

De ongemakkelijk voelende treurnis blijft lang hangen. Waarom? Hij is al zolang ‘bij me’ dat het een leegte bij me achterlaat. Hij was één van mijn eerste helden. Ik herken de treurnis die ik had bij andere gevallen helden als Bowie, Cobain, Mandela en nog veel en veel meer. Ik heb dat gevoel de afgelopen jaren te vaak gevoeld. De treurnis neemt toe omdat mijn helden uitdunnen. Hoe minder er overblijven des te langer schijnt de treurnis te blijven hangen. Mijn eigen sterfelijkheid komt daardoor ongemakkelijk dichtbij. Dat is wat helden doen als ze doodgaan. Ze worden de kistdragers van je eigen begrafenis. En dat op zichzelf stemt al treurig.

John Cleese en Gene Hackman, blijf alsjeblieft nog jaren leven.

Mijn eeuw is nog lang niet vol.

steun mijn stukjes via
vadertje.backme.org

Gepubliceerd door

Menno Voorwinde

Door schade en schande wijs geworden. Eigenwijze donder. Twijfelt aan alles in de wetenschap dat wijsheid begint bij twijfel.

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.