Mopperen



Al een tijdje worstel ik met m’n schrijfgedrag. Ik vind het zelf nogal naargeestig aan het worden. Klagerig. Alsof ik alleen maar kommer en kwel de wereld in kan slingeren. Aan de andere kant kan ik natuurlijk wel geforceerd leuk gaan doen, maar dat wordt niks. Behalve dat het meteen opvalt als iemand gemaakt leuk zit te doen (denk maar even aan de grapjas op familieverjaardagen, dan weet je genoeg), heb ik er ook helemaal geen zin in. Ik ben niet vrolijk. In ieder geval niet op het moment. Mijn leven is een opeenhoping van persoonlijke ellende die ik zelden (eigenlijk nooit) eerder ben tegengekomen. Ja, in de boeken van Tom Sharpe over Wilt, maar dat was verzonnen. Dit is echt.

Achteraf zal het waarschijnlijk om te gieren zijn, maar nu ontbreekt elke lol. De klaagzang resteert. Ik moet toch wat, nietwaar?

Het gepieker over de ‘klaagstand’ waar ik in vastzit, richt zich voornamelijk op jullie. Mijn lezers. Bang dat jullie het zat worden. Dat gepieker en geklaag. Dat is al een foute gedachte, omdat je vanuit jezelf moet schrijven, niet van uit een ander. Maar dan, plotseling ende uit het niets, is daar de  volslagen verrassing waardoor ik in één ruk het licht (weer) zie. Een trouwe lezer laat mij gisteren weten dat ze mijn gemopper mist. Krijg nou wat! Ben ik zo van de werkelijkheid losgerukt dat ik niet eens meer zie dat ik gewoon moet mopperen? Als ik mopper ben ik af en toe ook per ongeluk grappig. Ik heb het gemopper proberen te mijden, terwijl ik het juist moet toelaten. Omarmen zelfs. Mopperen is mijn natuur. En er is zo ontzettend veel in de wereld dat mijn gemopper verdient.

Mopperen is misschien het verkeerde woord in mijn geval. Kankeren past beter bij me (tsjatsjing, er mag gelachen worden). Dat wordt weer even oefenen. Ondertussen gaat er van alles mis in de wereld. Zoals gewoonlijk.

Laat ik maar meteen met een stukje mopperen beginnen. Mijn favoriete mopperonderwerp: de falende overheid.

Iedereen die de Taliban in Afghanistan van de macht weg kan houden vertrekt. Behalve als ze door Nederland teruggehaald moeten worden. Een gedeelte van de Tolken mag naar huis. Van een groot deel, die zeggen tolk te zijn, is dat niet onmiddellijk vast te stellen. Terwijl ze daar elke dag voor hun leven moeten vrezen, gaan we hier eerst op ons gemak het papierwerk nakijken. Of alles wel klopt. Tot de komma en punt het liefst. Andere landen halen, zonder administratief gedoe, behalve tolken ook nog het ondersteunend personeel terug. Koks, beveiligers enz.

Die landen zijn hun menselijkheid nog niet kwijtgeraakt in de bureaucratie. Eerst mensenlevens redden, daarna uitzoeken. Wij (de Nederlandse overheid) doet het andersom. Zij zijn hun menselijkheid verloren in de bureaucratie. Ze zijn met Moria weggekomen, dus komen ze hier ook mee weg. Dat zal ongeveer de heersende gedachte zijn.

Ik aanschouw het met afschuw. Ik heb altijd geleerd dat als je toekijkt bij het plegen van een moord, je medeplichtig bent. Ik vind dat regeringen daar geen uitzondering op moeten zijn. En zeker niet met als excuus dat het ‘beleid’ is.

Er kleeft een hoop bloed aan overheidshanden. Ook in onze democratieën.

Poeh! Dat was lekker. Weer even ongebreideld mopperen.

Disclaimer: gratis lezen mag, als je niet doneert zal ik niet mopperen.
Wil je tóch doneren, dan kan dat via:
vadertje.backme.org

Menno Voorwinde

Door schade en schande wijs geworden. Eigenwijze donder. Twijfelt aan alles in de wetenschap dat wijsheid begint bij twijfel.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.