Heugelijke Leegheid

Gisteren mocht ik weer eens naar het AUMC. Zoals gewoonlijk eiste dat enige aanpassingen van tevoren. Er stonden afspraken op het programma voor donderdag (twee) en voor aanstaande maandag (één). Niet handig. Gelukkig is mijn oudste dochter ondertussen zodanig bedreven in de communicatie met het AUMC, dat zij in mum van tijd had geregeld dat ik alledrie de afspraken achterelkaar kon hebben. Op donderdag. Het is tekenend voor de leegheid van mijn bestaan dat ik me verheugde op een ziekenhuisbezoek. Om niet meteen in een overdreven depressie te schieten zijn er ook een paar goede redenen om me enigszins te verheugen. Het is een weerzien met drie bekende gezichten die me bijstaan om mijn geslonken wereld op een kwalitatief zo hoog mogelijk niveau te houden. De een meer dan de ander, maar toch. Eén van hen, mijn onverschrokken dokter, heeft de levensreddende operatie bij mij uitgevoerd. Het weghalen van een kolossale keeltumor. Daar komt de rest natuurlijk niet overheen.

Desalniettemin blijft het enigszins pathetisch om je überhaupt op ziekenhuisbezoek te verheugen.

Gelukkig heb ik er een flinke dosis kak aan hoe men daarover denkt, dus veel meer dan een ietwat trieste constatering wordt het niet. Mijn eerste afspraak was bij dr. E. (de onverschrokkene). De scanner bij de incheckbalie was kapot, dus moest ik me bij de balie melden. “Is-ie kapot?” vroeg de baliemedewerkster. Ik onderdrukte het eerste antwoord dat in me opkwam want dat zou onaardig zijn geweest en zei: “hij piept wel, maar dat is alles.” Ze checkte me in en verwees me voor koffie naar een dichtbij gelegen wachtkamer, omdat de machine die vlakbij stond in onderhoud was. Dat was niet gelogen want er was een man in werkkledij druk bezig met het binnenwerk van de koffiemachine. Ik was vrij snel aan de beurt en na een minuut of tien zonder rampspoedtijdingen stond ik weer bij dezelfde balie om me aan te melden voor de volgende afspraak. De diëtiste.

Het duurde even voordat ik aan de beurt was en mocht ondertussen ‘genieten’ van een luidruchtig drietal dat het nodig vond pal naast me te gaan zitten. Een ervan, de luidruchtigste, was de lolbroek van het stelletje. Een grijze, boomlange man van ongeveer mijn leeftijd. Na elke luidruchtige ‘campinggrap’ keek hij even triomfantelijk in mijn richting. Mijn ijzige onbewogen blik ontmoedigde hem allerminst. Na een reeks grappen met oneindige baarden over stuiteren na te veel koffie was de barbecue aan de beurt. Volgens hem kon dat niet zonder vlees, hoewel een vegaburger die hij ooit van de barbecue at, best te doen was. Maar toch, een barbecue zonder vlees kan eigenlijk niet. Hij kreeg bijval van een vrouw die bij het groepje van drie hoorde. “ze frituren ook alle groente!” riep ze om aansluiting te zoeken. De derde uit het groepje was een stokoude man die zich hardop afvroeg hoe het kon dat in Amsterdam én Utrecht een ziekenhuis was met allebei dezelfde naam: UMC. Net toen ik mijn biezen wilde pakken om ergens anders te gaan zitten, kwam er stomtoevallig een familielid binnenwandelen die ook vanwege kanker onder controle stond.

Dat leidde genoeg af om het andere groepje buiten te kunnen sluiten.

Ik was eindelijk – onder sommige omstandigheden is een half uur een eeuwigheid – aan de beurt voor mijn tweede afspraak. De diëtiste zelf kwam me halen. Het bezoekje verliep soepel. Een kleine aanpassing in mijn voedingspatroon omdat ik overtollig gewicht meezeul en dat werkt belemmerend op mijn algehele conditie. Maar goed, dat zijn details. Mijn belangrijkste doel bij de diëtiste is om verlenging te krijgen van de drinkvoeding. Dat scheelt kokkerellen, waar ik toch al nooit de lol van heb ingezien, en tegenwoordig ook gas.

Mijn laatste bezoekje was aan de onderhoudsdeskundige voor mijn gebit. Dat heeft nogal wat te lijden gehad door mijn schommelende gezondheid, maar verkeert nu in een dusdanig stabiele staat dat het gehele dossier overgedragen wordt aan mijn eigen tandarts. De controle was daarom gelijk een permanent afscheid van de dame die kiezen en tanden heeft gered die nog te redden waren na een reeks intensieve bestralingen. Het was een pijnloos afscheid.

Redelijk opgewekt reed ik naar huis. Een bekende route over de A2 en aansluitend de verbindingsweg naar Hilversum. De weg (ongeveer 18 km lang) is behangen met omgekeerde vlaggen. Nergens op TV, sociale media of anderszins heb ik er zoveel zien hangen. Op zich niet gek, want aan weerkanten van de weg lagen boerendorpen en uitgestrekte weilanden. Natuurlijk ook daar volgepropt met protestborden en de nationale infantiele driekleur: blauw-wit-rood. Op de heenweg was ik nog van verbazing in chagrijnige irritatie gevallen. Nu moest ik gniffelen bij de gedachte dat alleen in ’t Gooi nog poen genoeg is om zo achterlijk veel vlaggen op een klein stukje weg te hangen.

Waar een ziekenhuisbezoek al niet goed voor is.

Disclaimer: gratis stukje, donaties welkom via:
vadertje.backme.org

Menno Voorwinde

Door schade en schande wijs geworden. Eigenwijze donder. Twijfelt aan alles in de wetenschap dat wijsheid begint bij twijfel.

Geef een reactie

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.